Belgische jongeren zijn gek van videospelletjes. Acht op de tien jongeren ouder dan tien jaar speelt wel eens een spelletje.

Dat blijkt uit een nationaal onderzoek van het Onderzoeks- en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties (OIVO). Zij ondervroegen in oktober en november van vorig jaar en in januari van dit jaar 2.862 Belgische jongeren.

79 procent speelt videospelletjes
De jongeren werden onderverdeeld in twee categorieën: tien- tot zeventienjarigen en achttienplussers. Alles samen gaf 79 procent aan geregeld te gamen. Bij de categorie tien tot dertien jaar speelt  drie kwart van de jongeren videospelletjes.

Na die leeftijd neemt de interesse in videospelletjes geleidelijk af. Vanaf achttien jaar speelt ongeveer de helft van de ondervraagden nog wel eens een videospelletje. Dat er meer jongens (87 procent) gamen dan meisjes (71 procent) is wellicht geen verrassing.

Online spelletjes zijn het populairst
De meeste spelletjes worden gespeeld via het internet (84 procent), op de televisie met een spelconsole (67 procent) of op een draagbare console (54 procent). Offline computerspelletjes worden door een op vier gespeeld. Sportgames zijn het populairst, gevolgd door actiespelletjes en avonturengames.

Belgische jongeren spelen gemiddeld 1,20 uur per dag, en dat bijna zes dagen op zeven. Vlaamse jongeren zitten wel langer achter hun computer of console (84 minuten) dan Waalse jongeren (45 minuten).