Wil je je huis voorzien van digitale gemakken? Jezelf goed informeren is het halve werk.

Ondanks het feit dat slimme apparaten ondertussen in overvloed te vinden zijn en fabrikanten noest verder werken aan software om ze allemaal met elkaar te laten communiceren, leeft bij veel mensen nog het idee dat een slim huis enkel voor gadgetfreaks of liefhebbers van technologie is. Deels is dat natuurlijk waar, maar zijn we tegenwoordig niet allemaal een beetje gadgetfreak geworden?

Iedereen slim

Wie om zich heen kijkt in de woonkamer zal waarschijnlijk laptops, smartphones, smart tv’s, bluetooth speakers en andere handige hebbedingen spotten. Een slim huis is dan de volgende stap: die systemen met elkaar verbinden. Niet alleen je computers, maar ook je verlichting, ventilatie, verwarming, ijskast, wasmachine, muziekinstallatie… Kortom, zowat alle toestellen en systemen die je huis leefbaar maken. Dat biedt niet alleen meer comfort, het kan je ook helpen om geld uit te sparen. En het is bijlange na niet zo ingewikkeld als het klinkt. Binnenkort wordt trouwens elk huis verplicht wat slimmer: de Belgische overheid wil immers dat bij elk nieuwbouw of grote renovatie vanaf 2019 ook een digitale meter wordt geïntroduceerd waarop je je energieverbruik kan aflezen. Wie zijn zinnen heeft gezet op een smart home hoeft bovendien niet meteen een enorme investering te doen. Je kan gerust stap per stap uitbreiden, zolang je er maar op voorhand rekening mee houdt.

 

Vanaf 2019 moet elke nieuw of gerenoveerd huis een digitale meter hebben.

Kabels

Veel hangt af van een goede voorbereiding om je huis te verslimmen. Dat betekent niet dat je nadien geen ingrepen kan doen, maar je zal minder mogelijkheden hebben. Het allerbelangrijkste voor wie een nieuwbouw zet of plannen heeft voor een grondige renovatie is dat je een goede basis legt. Dat betekent dat je voldoende netwerkkabels voorziet zodat je internet in alle hoeken van je huis kan krijgen. Pleeg hiervoor overleg met je architect en je aannemer. Het gaat niet alleen over de beschikbaarheid van internetcontacten, ook je schakelaars voorzie je best van een netwerkaansluiting. Wil je voor maximale flexibiliteit gaan, dan moet je ook je lichtpunten anders leggen. Geen verbinding met de schakelaars, maar een rechtstreekse lijn naar je technische ruimte – de plaats waar idealiter alle apparatuur voor verwarming, elektriciteit, water en andere voorzieningen samenkomen. Dankzij die centralisering behoudt je het overzicht, zijn aanpassingen snel te maken en spoor je ook sneller problemen op. Het is afgeraden om je kabels per verdieping te organiseren.

De basisgrondstof van je slim huis: de netwerkkabel.

Switch

Het aanleggen van je internetcapaciteit houdt ook in dat je de ideale aansluitplaats voor je provider bepaalt van waaruit je internet het huis inkomt. Dit is opnieuw iets dat je met je architect moet bespreken, omdat je provider zich voor de aansluiting op de bouwplannen baseert. Bij een renovatie heb je hier natuurlijk weinig over te zeggen, en zal je moeten werken met wat bepaald is. Opnieuw is hier de ideale situatie dat je centraliseert en de aansluiting op hetzelfde punt laat samenkomen als de rest: je technische ruimte. Om ervoor te zorgen dat al die netwerkkabels op hetzelfde netwerk zitten, heb je een switch nodig. Beknibbel niet op de kwaliteit: een slecht gekozen switch heeft een impact op je volledige thuisnetwerk. Hoe beter de switch schakelt, hoe sneller het dataverkeer door je huis loopt. Tegenwoordig kan je niet buiten een gigabit switch als je het optimale uit je netwerk wil halen. Het is ook een goed idee om met het oog op mogelijk uitbreiding een switch te kopen met genoeg poorten, al is het niet erg als je merkt dat je te weinig ingangen hebt. Dan sluit je gewoon een extra switch aan op je bestaande. Dat brengt geen problemen met zich mee voor je netwerk, zolang je er maar één router aan koppelt.

De kwaliteit van je switch heeft een belangrijke impact op de snelheid van je thuisnetwerk.

Trio

Momenteel zijn er drie kabeltechnologieën in omloop waarmee providers internet naar je huis brengen: ADSL/VDSL (de traditionele telefoonlijn), coax (de kabel) en fiber (glasvezel). Heb je toegang tot alledrie, dan is de keuze snel gemaakt: ga voor glasvezel. Dit is de meest recente technologie en kan veel hogere snelheden ondersteunen dan zijn twee voorgangers. Het probleem bij glasvezel is de beschikbaarheid. Telecomproviders zijn nog maar juist gestart met het vervangen van bestaande infrastructuur door fiber. Woon je niet in een stad, dan is de kans klein dat je provider glasvezel zal aanbieden. Je kan natuurlijk altijd eens informeren. Blijft nog over: ADSL/VDSL en coax. In principe gaat de voorkeur uit naar coax, aangezien deze de snellere optie van de beide is – in de meeste omstandigheden. Ligt je kabel er al een paar decennia, dan laat je deze beter nog eens controleren vooraleer je een definitieve keuze maakt voor een provider. De kwaliteit van je kabel is immers van groot belang. Bij ADSL speelt de leeftijd van je kabel geen rol. Opnieuw geldt hier dat je voor een maximale flexibiliteit kan opteren om beide alternatieven te voorzien, dus zowel VDSL als coax. Je hebt beide kabels toch nodig voor een vaste telefoonlijn en de ontvangst van televisiekanalen.

Wanneer je de mogelijkheid hebt om glasvezel te leggen moet je niet twijfelen: gewoon doen.

Draadloos

Je provider voorziet je standaard van een modem met geïntegreerde router. Je hoeft dus zelf geen aparte router aan te schaffen om draadloos internet mogelijk te maken. In het beste geval plaatst je die router centraal in je huis voor een maximale dekking. Merk je dat het signaal niet overal geraakt, je strategisch gekozen plaats ten spijt? Zolang je een ethernetpoort in de buurt hebt van de blinde vlek, is dat eenvoudig op te lossen door een access point aan te sluiten. Een access point zendt wifi uit zonder dat je moet inboeten aan snelheid, wat bijvoorbeeld wel het geval is bij een repeater of range extender. Het enige probleem is dat je tegenwoordig goed moet zoeken om een access point in de winkel te vinden. Een andere mogelijkheid om een wifi-dekking zonder gaten te bekomen is het gebruik van mesh-routers. Dit is een alternatief wifi-systeem waarbij het signaal tussen diverse toestellen wordt gestuurd. Deze nieuwe technologie vraagt echter een flinke investering.

Wie er budget voor over heeft kan investeren in een mesh-systeem om in alle kamers wifi te krijgen.

Powerlines

Een hoekje overgeslagen tijdens het leggen van je netwerkkabels? Wil je toch toegang hebben tot vast internet op die plek, dan kan je werken met powerlines. Dit is een goede oplossing als een stopcontact op overschot hebt. Een powerline stuurt je internetsignaal via de stroomkabel. Hou hier wel rekening mee dat de zender in dezelfde stroomkring zit als het stopcontact waarin je de ontvanger steekt. Anders zal je powerline niet werken. Je hoeft je trouwens niet te beperken tot het voorzien van ethernet. Tegenwoordig hebben powerlines diverse functies en kunnen ze ook dienen als router, switch of access point.

Met een powerline kan je een netwerkpoort voorzien als je geen netwerkkabel beschikbaar hebt.

 

Oude router recycleren

Nood aan een extra scheutje wifi in huis en heb je nog een oude router op zolder liggen? Je kan deze eenvoudig transformeren in een access point. Het enige wat je moet doen om van een router een acces point te maken is DHCP uitschakelen in de instellingen van het toestel. Bij sommige routers vind je een aparte knop waarmee je kan overschakelen naar access point-modus, maar dit is meestal enkel bij duurdere modellen voorzien.

Beter één systeem in de hand…

Naast het leggen van een goede internetinfrastructuur voor je huis is het even belangrijk dat je genoeg elektriciteitskabels trekt. Wil je rolluiken, deuren, ramen of poorten automatiseren, dan moet je een stroombron in de buurt hebben om motorische aandrijving mogelijk te maken. Verder moet je nadenken over welk softwaresysteem je wil gebruiken om commando’s door te sturen naar je diverse slimme apparaten en geautomatiseerde onderdelen. Ook hier kan je best een centraliserende aanpak vooropstellen: kies één standaard waarmee je in het hele huis werkt. Zo voorkom je dat je een dozijn afstandsbedieningen paraat moet houden. Voor apparaten die via bluetooth of wifi werken, kan je je smartphone als controlepaneel gebruiken.

Om niet te veel verschillende afstandsbedieningen te hoeven te gebruiken kies je beter voor één standaard.

Standaard

Tegenwoordig heb je keuze uit een brede waaier aan standaarden, elk met zijn eigen voor- en nadelen. Een open systeem zoals Velbus is relatief goedkoop te plaatsen en is erg flexibel. Wie de nodige kennis en vertrouwen heeft, kan zelf aan de slag met de software. Een gesloten alternatief is vaak duurder, maar je vindt er meer nadruk op design en meer opties voor maatwerk. Somfy, BTicino, Siemens, Niko, Verisure… de lijst van opties is lang. Ze in dit artikel allemaal overlopen is onbegonnen werk. Je hebt niet alleen de verschillende standaarden, ook elke installateur biedt niet altijd dezelfde diensten aan. Het beste wat je kan doen is bij zoveel mogelijk bedrijven informeren naar hun aanpak, de mogelijkheden en de prijs.

 

KNX

Ik raad je aan om je op één systeem en merk te concentreren, maar het is wel mogelijk om apparaten van verschillende fabrikanten met elkaar te laten praten. Er is een domoticastandaard waar heel wat bedrijven zich hebben achter geschaard: KNX. Producten van verschillende fabrikanten die op KNX zijn gebaseerd zijn relatief eenvoudig aan elkaar te koppelen. Als je met KNX werkt kan je dus flexibeler zijn in wat je aankoopt en hoef je niet vast te hangen aan één producent. Het is opnieuw iets wat je in overweging kan nemen wanneer je plannen maakt voor je slim huis. KNX is wel niet meteen de goedkoopste optie.

 

Als je dit logo ziet staan, dan weet je dat het product gebaseerd is op de populaire KNX-standaard.

Experimenteren

Heb je bij het bouwen van je huis geen rekening gehouden met een eventuele slimme transformatie? Zelfs zonder een uitgebreide infrastructuur zijn er nog verschillende slimme applicaties waar je mee kan experimenteren. Het automatiseren ervan zal moelijker gaan, maar daar kan je een mouw aanpassen met online diensten als IFTTT. Of je kan slimme stopcontacten gebruiken. Dat laat je zelfs toe om toestellen die niet slim zijn toch te automatiseren. Het slimme stopcontact regelt de stroomtoevoer naar je apparaat. Zo kan je bijvoorbeeld vanop afstand eender welk toestel dat je in het stopcontact steekt in- en uitschakelen met een app op je smartphone. Je hebt ook stopcontacten die je met een timer kan afstellen en die zelfs het energieverbruik van je toestel in de gaten kunnen houden.

 

Slimme stopcontacten zijn een eenvoudige manier om automatisatie in je huis te introduceren.

 

IFTTT

Wie geïnteresseerd is in smart home-toepassingen heeft vast al eens gehoord van If This Then That (IFTTT). Dit online platform stelt je in staat om zowel apparaten als online diensten te automatiseren. Het grote pluspunt van IFTTT is dat het erg veel platformen ondersteunt. Het nadeel is dat je telkens beperkt bent tot enkelvoudige acties die passen in het sjabloon ‘als x gebeurt, doe dan y’. Verwacht dus niet dat je complexe koppelingen zal kunnen programmeren. Desalniettemin is het een handig platform om toestellen meer intelligentie te geven.

Flexibel

Er is een toestel dat niet kan ontbreken als je je huis met slimme toestellen wil uitrusten: een smartphone. Heb je geen centraal systeem, dan is dit in vele gevallen het controlecentrum van waaruit je apparaten bestuurd. Slimme lampen, een slimme thermostaat, een slim alarmsysteem: het is allemaal te bedienen met je smartphone en relatief eenvoudig te plaatsen, ook als je tijdens het bouwen of renoveren er niet aan hebt gedacht om daar speciaal op te voorzien. Je zal meer uit je woonst halen als je er specifiek op bouwt, maar het is juist de kracht van het internet dat dat geen barrière hoeft te zijn om te profiteren van het comfort van een slim huis.