Ook in 2016 staat de wereld niet stil. Wat brengt het komende jaar? Op wie kunnen we rekenen om ons te verbazen? En wie zal ons teleurstellen?



Op de hoogte blijven van onze nieuwste artikelen?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week onze beste artikelen in je mailbox.


Geen enkel gebied gaat sneller vooruit dan de wondere wereld der technologie. Tegen een miljoen kilometer per uur krijgen we nieuwe toekomstvisies te zien. Zo hebben we het afgelopen jaar mogen aanschouwen hoe belachelijk ver virtuele en geaugmenteerde realiteit al staat. Net wanneer we denken dat het niet gekker meer kan, steekt er toch weer iets revolutionair de kop op.

Eerder deze week bekeken we al het wonderlijks dat we het afgelopen jaar mochten aanschouwen, hier werpen we onze blik op de toekomst om eens te kijken wat we mogen verwachten van 2016. Wie gooit hoge ogen en wie stelt teleur? Wordt ons leven weer een beetje makkelijker of gaan we ons bedrogen voelen?

Buikje vol van smartphones

De smartphonemarkt raakt stilaan verzadigd. Elke smartphone die je in de winkel ziet liggen heeft een stevige hoofdcamera aan boord, evenals een meer dan degelijke selfiecamera, verchillende sensoren, een full HD-scherm, een hoogwaardig capacitief touchscreen,…

Toen ik enkele jaren geleden mijn eerste echte smartphone overkocht van mijn broer, de HTC Magic, was dit toestel nog steeds een vreemde verschijning in ons midden. Iedereen was verknocht aan zijn toestelletje met knopjes, eventueel een openschuif- of openklapsysteem en iedereen verklaarde de smartphone een onnodig luxeding. Toch loopt iedereen vandaag rond met een hoogwaardige, kwalitatieve slimme telefoon en zouden ze er niet aan denken om terug te grijpen naar een zogenaamde ‘feature phone’.

Het punt van mijn verhaal is simpel: de stap van feature phones naar smartphones was enorm, waarlijk gigantisch. Een nieuwe wereld ging voor ons open. Jaar na jaar kwamen daar ook weer nieuwe, baanbrekende features bij: een 5 MP-camera! Een capacitief scherm! Metalen behuizingen! Selfiecamera’s?! Elk jaar kwam er iets nieuw bij dat we absoluut wilden hebben.

De afgelopen twee jaar is die evolutie echter sterk afgenomen. Nieuwe functies zijn eerder van het kaliber ‘oh, dat is leuk dat je dat kan doen’ of ‘tiens, ik wist niet dat je dat kon doen’. Bovendien zijn we er niet meteen op gebrand om voor die kleine toevoegingen een nieuw toestel te gaan kopen. Het gebrek aan die nieuwigheden doet steeds meer mensen uitkijken naar goedkopere toestellen, puur omdat die vandaag bijna evenwaardig zijn aan onze verwachtingen van een kwaliteitsvol toestel, net zoals dat het geval is bij duurdere telefoons. We willen vandaag niet enkel ‘meer, meer, meeeeeeer’, nee: we willen meer voor minder. Een goedkoop toestel heeft alles wat je kan willen, waarom dan nog 300 euro extra uitgeven? Deze trend zal zich in 2016 vrolijk voortzetten. Samsung, Sony, HTC, LG,… Allen hebben ze het voorbije jaar al eens kunnen ondervinden hoe zo’n verzadiging van een markt aanvoelt. Komend jaar zullen ze met iets heel bijzonders moeten komen om deze vicieuze cirkel te kunnen doorbreken.

Toch is er één merk dat ik het komende jaar in staat zie om deze trend enigszins te doorbreken. Microsoft brengt met zijn nieuwe Lumia’s namelijk toestellen op de markt met een baanbrekende kwaliteit: computertelefoons. Dankzij een docking station kan je deze toestellen in een handomdraai omtoveren tot een volwaardige PC-vervanger. Zoals dat altijd het geval is bij nieuwe functies staat deze nog maar in zijn kinderschoenen, toch kan dat in 2016 nog geperfectioneerd worden. Misschien is dit wel de doorbraak die het merk nodig had om zich definitief te vestigen als smartphonefabrikant.

De trend voor smartphones heet dus ‘stilstand’. Is het dan niet mogelijk om nog te innoveren op dit vlak? Jawel, al gaat het in tegen de filosofie van nagenoeg elke fabrikant en merk. Een eerste optie is om een stevigere batterij in de toestellen te steken. Al vanaf dag één is dat de achilleshiel van onze digitale verslaving. Sony is de laatste jaren op de goede weg, de rest blijft achter. Het probleem is natuurlijk dat ze toestellen zo dun en compact mogelijk willen bouwen, waardoor een stevige batterij uit den boze is. Met alle bewegingsvrijheid verschwunden, is het echter niet ondenkbaar dat we het komende jaar de eerste smartphones met echt indrukwekkende batterijen zullen tegenkomen.

Verschillende realiteiten

De opkomst van Virtuele (VR) en andere Alternatieve of Augmented (AR) Realiteiten is al even bezig. We spreken ondertussen al enkele jaren over een Oculus Rift en ook Samsung werkte al een tijd aan zijn Gear VR. 2016 wordt eindelijk het jaar waarin alle fabrikanten hun deuren openen en het publiek naar binnen zullen lokken. De concurrentie zal groot zijn, wat ervoor zal zorgen dat de dure prijzen na verloop van tijd alleen maar kunnen dalen.

Naast de voorgenoemde twee zijn er ook Valve, bekend van Steam, dat samen met HTC de Vive in elkaar heeft geknutseld. Een sterk duo: de ene is bekend vanwege zijn oerdegelijke hardware, terwijl de andere marktleider is op het gebied van succesvolle gameplatformen. Wij hebben de Vive al kunnen testen en we waren helemaal overtuigd: dit wordt het jaar van VR.

Waar HTC en Valve een streepje voor hebben? Hun headset is nu al veel interactiever dan die van Samsung. Hardwarematig kampen ze wel beide met hetzelfde probleem: moeilijk te accomoderen. Voor de Vive zal je een waanzinnig krachtige PC nodig hebben en daarenboven nog wat andere hardware moeten aanschaffen om de interactieve ervaring te bekomen, terwijl je voor de Gear VR een Samsung Galaxy-toestel moet aanschaffen. Beiden zullen bij het begin dus wel degelijk een pittig prijskaartje torsen.

Oculus was de eerste, maar verdween het voorbije jaar almaar meer naar de achtergrond. Toen kwam Facebook erbij, nam Oculus over en smeet er nog wat geld tegenaan. Het resultaat zal te bewonderen zijn in 2016. Leuk detail: Oculus legt zijn eieren niet in één mand en hielp ook Samsung bij de ontwikkeling van zijn headset. Dankzij de samenwerking kan je op de Gear VR ook gebruik maken van de Oculus Store om apps te downloaden voor de headset.

Ook Google wierp zich de afgelopen jaren op de markt met zijn Google Carboard. Het zorgde zo voor een toevloed aan betaalbare headsets die geschikt zijn om smartphones van alle soorten en maten in te stoppen. Zo kan je voor een prikje genieten van VR. Met de definitieve doorbraak van VR in het verschiet mag je verwachten dat ook de beschikbare apps zullen toenemen, wat zorgt voor een nieuwe manier om apps te beleven, het nieuws te bekijken of je te informeren over historische locaties. Er zijn nu al een aantal degelijke apps beschikbaar, maar je weet nooit waar Google nog mee afkomt.

De mogelijke doorbraak van VR, AR en andere realiteiten, vormt overigens een tweede manier om smartphones te gaan innoveren in het komende jaar. Qualcomm heeft op zijn nieuwste Snapdragon 820 immers compatibiliteit voorzien met alternatieve realiteitstoepassingen. Merken als Sony en Samsung investeerden in 2015 in almaar betere schermen, zelfs tot op het punt dat het verbeterde scherm geen enkele meerwaarde biedt omdat onze ogen het verschil niet meer kunnen zien. Met de opgang van VR kunnen die 4K-schermen eindelijk hun nut gaan bewijzen.

Als, en vooralsnog is dat een grote als, VR zal doorbreken, zullen grote merken de meerprijs voor hun belachelijk goede schermen eindelijk kunnen verantwoorden. Dan zou het plots toch interessant kunnen zijn om die 300 euro extra neer te tellen.

Versnippering van het on-demandaanbod

Bij de blijde intrede van Netflix, nu reeds anderhalf jaar geleden, sprongen geliefden, vrienden en huisgenoten elkaar blij in de armen: praten was eindelijk overbodig geworden met de komst van het on-demand televisiekijken.  Gedaan met verveling, onaangename stiltes en sociaal zijn. Het was een collectieve ‘HOERA!’ voor iedereen die hield van het toen-in-het-leven-geroepen bingewatching. Vanaf dat moment kon iedereen kijken wat hij wou, wanneer hij wou en hoe lang hij wou.

Mooie liedjes duren natuurlijk nooit lang, want het afgelopen jaar kwamen de eerste barsten in het Netflix-pantser. De concurrentie werd hevig met on-demanddiensten van onder meer HBO en Amazon. In 2016 zou daar naar verluidt ook nog een dienst van Apple bijkomen. De concurrentie liet zich vrijwel meteen voelen in het aanbod: Netflix besloot dat het liever originele content wil aanbieden dan een volledige bibliotheek te bezitten. Vele series verdwenen uit het aanbod en steeds vaker zagen we de zogenaamde ‘Netflix Originals’ verschijnen; series en films die de dienst zelf maakte.

Het is een trend die zich dit jaar nog verder zal doorzetten: wie al zijn geliefde series wil kunnen bekijken, zal zich verplicht alle verschillende abonnementen moeten aanschaffen. 2016 wordt voor de bingekijkers kiezen of delen. Het ziet er bovendien niet naar uit dat de prijzen zullen dalen: de grote televisiemaatschappijen en productiehuizen hebben bloed geroken en spelen de verschillende diensten vrolijk tegen elkaar uit. Biedt de ene niet genoeg, dan zal de andere dat waarschijnlijk wel doen. Die prijzen worden doorgerekend aan de klant, wat zich voor bijvoorbeeld Netflix reeds liet voelen.

Niet enkel in de wereld van de televisieseries steekt deze trend de kop op. Het wordt meer en meer duidelijk dat specialisatie niet werkt. Telenet nam dit jaar telecomoperator Base over, het netwerk waar het zijn eigen diensten reeds op aanbood, en Medialaan, moederbedrijf van VTM, nam Mobile Vikings over. Beide bedrijven menen dat ze moeten diversifiëren om te kunnen groeien.

Ook onlinegigant Amazon voelt die nood: ze zetten niet enkel in op een media-aanbod met AmazonTV, ze hebben ook hun allereerste echte boekenwinkel geopend. Vraag het maar aan Coolblue: online winkelen zit in de lift, maar de mensen willen toch nog steeds een aanspreekpunt van vlees en bloed in de buurt.

Maar zal die diversificatie ons iets opleveren het komende jaar? Voorlopig is dat nog koffiedik kijken. Meer concurrentie betekent alleszins vaak ook meer en betere voordelen. Mobile Vikings zette een revolutie in gang op vlak van mobiele data en steeds meer operators zagen zich genoodzaakt daarin mee te gaan. Mijn persoonlijke voorspelling luidt echter dat de nood aan groei, die zorgt voor de diversificatie, uiteindelijk toch nadelig zal zijn voor ons. De individuele prijzen zullen misschien wel dalen, maar we zullen bij verschillende aanbieders moeten hengelen naar abonnementen om aan onze noden te voldoen.

Alles verbonden

Beeld je eens een wereld in waarin alles met elkaar verbonden is. Je hele leven valt te besturen vanop één afstandsbediening: je smartphone. Het Internet der Dingen is al jaren een buzzterm die vooral gebruikt wordt om artikels interessant en toekomstgericht te laten klinken. In 2016 zal het eindelijk te betreden zijn voor het gewone volk. Voortaan zal het niet langer een lege term meer zijn waarmee naar hoofden wordt gesmeten. In ons land is het onder meer Proximus die met het LoRa-netwerk het IoT op grote schaal beschikbaar zal maken. Voor een ‘paar euro’s’ per maand zal je je wasmachine kunnen programmeren, je verwarming regelen en je domotica conditioneren.

Een wereld die één is, verbonden door mensen, zit er nog niet meteen in, maar het internet zal voor het eerst wél met alles en iedereen verbonden zijn.