Selecteer je in een Excel-werkblad een aantal cellen, dan wordt dit celbereik weergegeven met een eenvoudige formule. Als je uitgebreid cellen begint te selecteren, kan je dit celbereik een naam geven en bewaren.
Selecteer je in een Excel-werkblad een aantal cellen, dan wordt dit celbereik weergegeven met een eenvoudige formule. Selecteer je bijvoorbeeld cellen A1 tot A5, dan krijg je als celbereik A1:A5. Kies je echter hier en daar enkele cellen, dan krijg je al snel ingewikkelde bereiken zoals =BLAD1!$A$1;BLAD1!$B$4;BLAD1!$B$8;BLAD1!$D$12. Gelukkig kan je zo’n ingewikkeld bereik een naam geven.
Selecteer de cellen (eventueel met CTRL of SHIFT) en ga in Office 2003 naar INVOEGEN, NAAM en klik op DEFINIËREN. Onder NAMEN IN WERKMAP geef je het celbereik een naam, bijvoorbeeld PUNTENTOTALEN. Klik vervolgens op OK. Tik je in het naamvak van Excel nu de naam in, dan worden de juiste cellen meteen geselecteerd. Je kan de naam ook gebruiken voor berekeningen of in formules.
In Office 2007 vind je deze functie terug op het tabblad FORMULES, bij NAAM BEPALEN.