Inbreken in of meesurfen op een draadloos netwerk is onmogelijk wanneer dat netwerk niet aan staat of bereikbaar is: zonder signaal immers geen verbinding. Een aantal moderne routers kan je hier op twee manieren mee helpen. Een daarvan is een ingebouwd schema, waarin je zelf kan plannen wanneer je draadloze netwerk actief mag zijn.

Zo kan je instellen dat het automatisch geactiveerd wordt rond de tijd dat je thuiskomt van je werk en dat het weer uitgeschakeld worden op het moment waarop je gaat slapen. Dat is meteen een handige manier om het al dan niet stiekeme internetgebruik van de kinderen in te perken.

Daarnaast kan je op heel wat routers ook de sterkte van het WiFi-signaal aanpassen. Heel wat draadloze netwerken zijn immers tot op een dertigtal meter buiten het huis nog op te pikken, wat natuurlijk nergens voor nodig is. Door de signaalsterkte te verminderen heb je binnenshuis nog wel verbinding, maar bij de buren bijvoorbeeld niet meer.

En het valt net iets meer op wanneer iemand op jouw oprit met een notebook in de weer is, dan wanneer hij twintig meter verder in zijn auto zit. Als je je draadloze router in een betonnen kelder zet, zal zijn signaal ook niet erg ver geraken. Natuurlijk moet je wel zorgen dat je zelf nog op je netwerk kan.