Van Quickenborne is resoluut voorstander van netneutraliteit. Maar hij vindt wel dat Telenet het recht heeft om zaken te testen.

Van Quickenborne is resoluut voorstander van netneutraliteit. Maar hij vindt wel dat Telenet het recht heeft om zaken te testen.

Naar aanleiding van de bittorrentvertraging bij Telenet die telecomvereniging Tik opmerkte, vroeg onze redactie aan ontslagnemend minister van ICT en Telecom hoe hij staat tegenover netneutraliteit.

Het toeval wil dat er net vorige week een wetsvoorstel werd ingediend door CD&V’er Jef Van den Berghe dat pleit voor netneutraliteit. Naar aanleiding hiervan zei de minister in de kamercommissie Infrastructuur dat hij een voorstander is en het debat zeker wil voeren.

Volgens Van Quickenborne zijn er momenteel [vorige week, nvdr] nog geen problemen met netneutraliteit gesignaleerd, maar is hij wel tevreden dat de wetsvoorstellen er liggen. Hij vergelijkt het daarbij met de havens uit de middeleeuwen waar iedereen het recht had om een haven te gebruiken.

Rol voor BIPT
Over het onderwerp verwacht de Europese Commissie binnenkort een onderzoek van Berec, de Europese vereniging van telecomregulators. De minister hoopt daar belangrijke input uit te halen.

Zonder op dit moment in detail te gaan, ziet Van Quickenborne mogelijk een rol weggelegd voor het BIPT voor zeer uitzonderlijke gevallen dat er mogelijk toch moet worden ingebroken op de (nog te komen) wet op netneutraliteit. Al gaat het hier om zeer uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld om het blokkeren van een kinderpornosite; al gebeurt dat meestal via de rechtbank.

Telenet mag testen
Wat Telenet betreft zegt Van Quickenborne dat hij de zaak bekijkt en ook zelf informatie zal vragen van het kabelbedrijf. Hij nuanceert daarbij dat elk telecombedrijf testen mag uitvoeren op zijn netwerk. Maar hij blijft gekant tegen een beleidsmaatregel die de netneutraliteit schendt.