Een team Italiaanse ingenieurs gaat een intercontinentale reis maken met een onbemand, elektrisch voertuig. De eindbestemming ligt in China, ruim 12.000 kilometer verder.

De ingenieurs zetten hun geld in op twee elektrische oranje busjes die zelfstandig kunnen rijden. Hun doel is de technologie in een natuurlijke omgeving te testen. “Met echt weer, verkeer en gekke mensen die de weg over lopen”, vertelt projectleider Alberto Broggi aan de nieuwssite npr.org.

Lasers en camera’s
De busjes zijn uitgerust met laserapparatuur en camera’s die obstakels moeten detecteren. De maximumsnelheid ligt rond de 60 km per uur en per dag hoopt men vier uur te kunnen rijden. De batterijen hebben namelijk acht uur nodig om op te laden, en kunnen dan twee tot drie uur mee.

Als een busje geen energie meer heeft, wordt het op een truck geladen en is het tweede aan de beurt. Voor de veiligheid zullen twee ingenieurs plaatsnemen in het voertuig om in noodgevallen aan de handrem te trekken en problemen op te lossen.

De busjes zullen worden voorafgegaan door een wagen met de overige ingenieurs. Die zullen de weg leiden en commando’s geven. Obstakels ontwijken en gevaar herkennen is voor rekening van de software in de busjes.

Handig in file
Volledig autonome wagens zal dit experiment niet opleveren, maar het team ziet wel een toepassing voor personenwagens. Beeld je in dat je lekker kunt achteroverleunen en de krant kunt lezen terwijl je wagen zichzelf voorsleept in de file.

Tijdens hun reis trotseert het team het drukke verkeer in Moskou, de zomerhitte in Siberië en de bittere kou in de Gobi-woestijn. In oktober, na drie maanden reizen, worden de busjes in Shanghai verwacht.