Ben je op zoek naar een nieuwe fotocamera? Dan heb je anno twintigachttien de keus uit honderden technologische hoogstandjes. Voor de ervaren fotograaf is dat het walhalla. Als je pas sinds kort je eerste fotostapjes zet, kan het assortiment juist overweldigend overkomen. In dit artikel schept TechPulse orde in het aanbod, zodat je gerichter op zoek kunt naar jouw ideale camera.

Ook al is het landschap van camera’s er de afgelopen jaren wat overzichtelijker op geworden, het aanbod is nog steeds immens. Er bestaan kleine en grote, geavanceerde en eenvoudige, water- en stofdichte toestellen die tegen een stootje kunnen en er zijn toestellen met en zonder verwisselbare lenzen. Bovendien variëren de prijzen van camera’s zo sterk, dat het lastig is om een onderbouwde camerakeuze te maken. In dit thema-artikel vind je een overzicht van welke soorten camera’s er op dit moment te koop zijn en hoe ze ten opzichte van elkaar verschillen. Na het lezen van dit artikel ben je klaar om het fototoestel te kiezen dat het best aansluit op jouw wensen en op de manier waarop jij het wilt gaan gebruiken.

Mobiele telefoon

Het is misschien een beetje vreemd dit overzicht te beginnen met een telefoon in plaats van een ‘echte’ camera, maar zo gek is dat eigenlijk niet. Tegenwoordig bevat bijna elke mobiele telefoon een digitale camera. Dat maakt de smartphone met voorsprong het meest verkochte én meest gebruikte cameratype. Kijk maar eens op een populaire fotowebsite als Flickr, waar je van elke foto kunt zien met welke camera hij gemaakt is. De meeste foto’s op Flickr werden met een iPhone gemaakt.

Het grootste pluspunt van de telefooncamera is dat je hem bijna altijd op zak hebt. Je kunt er dus op de meest onvoorziene momenten foto’s mee maken. Als er ergens iets gebeurt, is er altijd wel iemand in de buurt die met zijn telefoon alles fotografeert. Zelfs van nieuwsfeiten worden de eerste foto’s tegenwoordig meestal gemaakt met een smartphone van toevallige passanten. De persfotografen met hun professionele apparatuur komen er later op af.

In goedkope telefoons zit een goedkope camera, en dat is ook te zien aan de kwaliteit. Zeker als je in donkere omstandigheden fotografeert, delft deze camera het onderspit. Bovendien kun je niet optisch inzoomen op je onderwerp (zie kader optische versus digitale zoom).
Toch zitten er in de duurdere smartphones tegenwoordig ook erg goede camera’s ingebouwd, die het gerust kunnen opnemen tegen sommige ‘echte’ camera’s. Bovendien zijn er vaak meerdere camera’s ingebouwd, met verschillende typen lenzen, zodat je ook optisch en dus zonder kwaliteitsverlies kunt inzoomen. Een groot voordeel van fotograferen met je telefoon is dat je de foto’s direct kunt bewerken en delen via mail, Facebook en andere sociale netwerken.

De beste camera is de camera die je op dat moment bij je hebt. Vaak is dat de camera van je smartphone. Deze Huawei P20 Pro is een van de beste cameratelefoons van dit ogenblik, vooral vanwege de drie camera’s aan de achterzijde.

Digitale of optische zoom?

Digitaal zoomen is in principe hetzelfde als het achteraf bijsnijden van de foto: er wordt een steeds kleiner stukje van de beeldsensor gebruikt. Dus bijvoorbeeld maar 6 van de 15 megapixels op de sensor. Als het toch een 15-megapixelfoto moet worden, moeten er tussenliggende pixels bijberekend worden. Dat betekent kwaliteitsverlies.
Bij optisch inzoomen bewegen de verschillende lensdelen ten opzichte van elkaar, waardoor je het onderwerp ‘dichterbij’ kunt halen. Hierbij worden nog steeds alle pixels van de beeldsensor gebruikt en levert dus kwalitatief betere beelden op.

Vaste lens of verwisselbaar?

De eerste indeling die je bij ‘echte’ fotocamera’s kunt maken is of het objectief van de camera te wisselen is. Bij simpele camera’s is dat niet mogelijk, bij dure, professionele modellen kun je voor elk type fotografie de best geschikte lens kiezen. Wat betreft prijs, kwaliteit en mogelijkheden is er een flinke overlap tussen deze camera’s met en zonder vaste lens, zoals je verderop in dit artikel zult lezen.

Fototoestellen met een niet-verwisselbare lens worden meestal compactcamera’s genoemd. In principe is de camera van je mobiele telefoon dus ook een compactcamera. Zoals de naam al verraadt, zijn het relatief kleine en lichte toestellen. Vooral de standaardmodellen mikken in de eerste plaats op de huis-, tuin- en keukenfotograaf die een lage prijs en een eenvoudige bediening belangrijk vindt. Dit soort camera’s voelt de hete adem van de smartphonecamera in zijn nek, want de beeldkwaliteit van die laatste wordt steeds beter, zeker in het duurste telefoonsegment.

Compactcamera’s zijn er in de meest uiteenlopende vormen, afwerkingen en kleuren. De laatste jaren zijn de ultradunne camera’s erg in trek. Toestellen van nog geen twee centimeter dik zijn geen uitzondering meer. De lens van een compactcamera is bijna altijd een zoomlens. De zoomfactor vertelt je hoeveel je op je onderwerp kunt inzoomen, bijvoorbeeld 3x of 10x.

Fabrikanten proberen de standaard compactcamera’s meer te onderscheiden van de telefooncamera. Daarom verschijnen er de laatste jaren steeds meer gespecialiseerde compactcamera’s op de markt. Deze zijn ontwikkeld voor specifieke groepen fotografen.

Deze WX220 van Sony is een betaalbare en goede compactcamera met een uiterst eenvoudige bediening.

Instant camera

Wie kent de naam Polaroid nou niet? In het analoge tijdperk waren deze cameraatjes populair omdat er geen films ontwikkeld hoefden te worden, de foto’s rolden direct op speciaal fotopapier uit de camera. De instant camera is de digitale opvolger van deze retrogadget. Net als vroeger heb je er enkel een camera en een cassette met speciaal fotopapier voor nodig om direct van je afgedrukte foto’s te kunnen genieten.
De leuke modellen met hippe kleuren richten zich veelal op het jongere publiek, andere fabrikanten komen juist met modellen die sterk aan hun analoge voorouder doen denken. De instelmogelijkheden zijn zeer beperkt, inzoomen is niet mogelijk. Maar het plezier van direct een afdruk in handen hebben, des te groter.

Outdoor of onderwatercamera

Dit soort camera wordt gekenmerkt door de extra solide behuizing, die bestand is tegen vallen en stoten. Deze camera is zo robuust dat je hem met een gerust hart aan kleine kinderen kunt geven; hij is niet direct kapot als hij uit hun handen valt. Een outdoorcamera is een ideale reisgenoot voor een actieve vakantie. Je kunt de camera onderwater gebruiken, afhankelijk van het model tot wel tientallen meters diep. Hij is dus geschikt om mee te snorkelen en te duiken op beperkte diepte. Ook verdragen ze extreme kou en dringen stof en zand niet door tot in de behuizing. Het zoombereik van deze camera is beperkt, omdat het zoommechaniek in de behuizing zit. Dit om de lens van de camera niet te laten uitsteken, wat de robuustheid ten goede komt.

Met deze waterdichte en oersterke Panasonic Lumix DMC-FT7 kun je zelfs tot 31 meter onder het wateroppervlak foto’s maken.

High-end camera’s

Alles draait hier om de instelmogelijkheden. Noem ze gerust compactcamera’s met ambitie. Deze toestellen zijn gemaakt voor wie graag zelf wil bepalen hoe zijn compactcamera een foto maakt. Instelmogelijkheden voor bijvoorbeeld sluitertijd en diafragma zijn makkelijk en direct toegankelijk. De kwaliteit van de lens is een stuk hoger dan die van een standaard compactcamera. Vaak is de camera voorzien van een grotere sensor. Dat vertaalt zich bijna een op een in de beeldkwaliteit (zie kader ‘beeldsensoren en megapixels’). Meestal kunnen dit soort camera’s bestanden niet alleen in jpg- maar ook in het RAW-bestandsformaat opslaan. Dat formaat biedt meer mogelijkheden om de foto’s achteraf op de computer te bewerken.

De X70 van Fujifilm heeft een niet-verwisselbare lens, een hip retrodesign, een superieure beeldkwaliteit en veel instelmogelijkheden voor de enthousiaste fotograaf.

Ultrazooms

Het belangrijkste aspect in deze klasse is de zoom. Het zijn in wezen compactcamera’s met een hoge zoomfactor, beginnend bij 10x zoom. Inmiddels zijn er modellen met ruim 80x zoom. Hiermee kun je als fotograaf verafgelegen onderwerpen toch beeldvullend fotograferen, zonder dat je een joekel van een telelens hoeft mee te zeulen. Deze toestellen bevatten een vorm van beeldstabilisatie, die helpt voorkomen dat je opname onscherp wordt wanneer je de camera niet perfect stil houdt tijdens het fotograferen.

Deze zoomspecialisten zijn er in verschillende maten en mogelijkheden. De zogenaamde bridge-camera combineert de voordelen van een compactcamera met de degelijke en ergonomische behuizing van een systeemcamera of spiegelreflex. Ze zijn voorzien van een stevige handgreep, een relatief lichtsterk zoomobjectief, een elektronische zoeker en veel draaiwieltjes en knoppen voor handmatige instellingen.
Travelzoomcamera’s zijn populair onder hobbyfotografen, en dat heeft een goede reden: door hun relatief grote zoombereik en vele instelmogelijkheden zijn deze allrounders prima geschikt voor vrijwel iedere situatie. In tegenstelling tot hun grote bridge-broers zijn ze klein genoeg om in je binnenzak te stoppen. Ze nemen weinig ruimte in en zijn zodoende perfect geschikt om overal mee naar toe te nemen.

Een bridge-camera zoals deze Sony HX400V ziet er als een spiegelreflex of systeemcamera uit en heeft een hoge zoomfactor (hier 50x). Het objectief is niet verwisselbaar.

Beeldsensoren en megapixels

De beeldsensor is het hart van een digitale camera. Hij bevat miljoenen lichtgevoelige cellen die pixels worden genoemd. Wanneer je een foto maakt, registreren de pixels hoeveel licht er binnenvalt, en vertalen dat naar een elektrisch signaal. Hoe meer licht een bepaalde pixel registreert, hoe sterker het signaal dat die pixel doorgeeft.

Het aantal pixels op de beeldsensor bepaalt hoeveel detail je camera kan weergeven. Een camera met tien miljoen pixels, of tien megapixel, legt voldoende detail vast voor foto’s die je op A4-formaat afdrukt. Heb je meer pixels, dan zijn nog grotere afdrukken mogelijk.

Sensorformaten
Een beeldsensor is de moderne, digitale vervanger van de 35mm-film voor analoge fotocamera’s. Een negatief van zo’n 35-mm film meet exact 24 op 36 millimeter, en dat formaat was voor elke camera hetzelfde. Bij digitale beeldsensors zijn er heel wat verschillende formaten van beeldsensors. Er bestaan sensors die exact even groot zijn als een 35mm-film, dus 24 op 36 millimeter. Zo’n zogeheten fullframe sensor is erg duur. Het belangrijkste voordeel ervan is dat je ook bij weinig licht nog erg goede foto’s kunt maken, omdat de pixels op zo’n grote sensor in verhouding ook veel groter zijn.

De meeste digitale reflexcamera’s en alle systeemcamera’s hebben een beeldsensor die kleiner is dan een 35mm-negatief. Heel populair is het zogenaamde APS-C formaat, waarbij de sensor ongeveer 16 op 24 millimeter meet. Je vindt hem in camera’s van bijna elk merk.
Een ander veelgebruikt sensorformaat is te vinden in de camera’s van Olympus en Panasonic. Zij ontwikkelden de ‘Four Thirds’ sensor, die exact 13,5 x 18 millimeter meet. Het APS-formaat en het Four Thirds-formaat zijn dus kleiner dan een fullframe sensor, maar ze zijn in elk geval nog stukken groter dan de sensor in een doorsnee compactcamera.

In deze grafiek zie je hoe de meest voorkomende sensorformaten zich verhouden. Het vergelijkingspunt is 35mm fullframe beeldsensor. Een sensor kan groter zijn, zoals de medium format beeldsensor die in peperdure professionele studiocamera”s gebruikt wordt. De beeldsensor in de meeste reflex- en systeemcamera’s is van het APS-C of Four Thirds formaat, groter dan de 2/3, 1/1.7 en 1/2.3 beeldsensor in een compactcamera.

Spiegelreflexcamera

Er bestaan twee soorten camera’s waarvan je de lenzen kunt verwisselen, de systeemcamera en de spiegelreflexcamera. Een spiegelreflex (of SLR, single-lens reflex) bevat een optische zoeker die een beeld door de lens geeft. Wat je in de zoeker ziet, komt perfect overeen met wat er op de foto zal komen te staan. Dat wordt mogelijk gemaakt door de spiegel in de behuizing. Die zit achter de lens en weerkaatst het licht dat door de lens binnenvalt naar de optische zoeker. Op het moment dat je afdrukt om een foto te maken, klapt de spiegel op, zodat het licht op de beeldsensor in je camera valt. Die sensor zet het licht om in een elektrisch signaal, en dat wordt door de elektronica in de camera verder omgezet naar een digitale foto. Heel dat proces van opklappen, belichten en omzetten naar een foto gaat razendsnel; in een fractie van een seconde is de foto klaar. De meeste reflexcamera’s stellen meestal veel sneller scherp dan compactcamera’s, en zijn daardoor bij uitstek geschikt voor sport- en actiefotografie.

Tegenwoordig kun je met een reflexcamera ook het schermpje achter op de camera gebruiken om je onderwerp in beeld te krijgen. De spiegel klapt dan weg, zodat de beeldsensor continu belicht wordt, en op het lcd-scherm kan tonen wat er door de lens te zien is. Dankzij deze zogenaamde Live View-modus kun je ook video vastleggen.

Als je een spiegelreflex koopt, zit daar meestal een ‘kitlens’ bij, zodat je direct aan de slag kunt. Zo’n kitlens is doorgaans een zoomlens waarmee je 2x of 3x kunt inzoomen. Voor elk onderwerp en elke situatie kun je een aangepast objectief op de camera schroeven: een telelens voor sport- of natuurfotografie, een groothoeklens voor architectuur, een macrolens voor foto’s van bloemen en insecten.

Spiegelreflexen zijn er tegenwoordig voor elk budget. Dit is het nieuwe topmodel van Pentax met fullframe sensor, de K1 ii.

Systeemcamera’s

Ook voor systeemcamera’s bestaan er dit soort objectieven voor verschillende onderwerpen, hoewel het aanbod net iets kleiner is. Er worden immers al tientallen jaren lenzen voor (niet-digitale) spiegelreflexen geproduceerd, die veelal ook nog op de huidige modellen kunnen worden gemonteerd.

Het belangrijkste verschil met spiegelreflexcamera’s is dat er geen spiegel in de behuizing van een systeemcamera is ingebouwd. Deze is niet nodig omdat systeemcamera’s scherpstellen via de beeldsensor in plaats van middels een speciale autofocussensor, zoals een spiegelreflex doet. Daardoor is de behuizing van een systeemcamera meestal kleiner dan die van een spiegelreflex, hoewel de verschillen steeds kleiner worden. Zo heeft de systeemcamera Sony Alpha 7R II een grotere behuizing dan Canons reflexinstapper 200 D vanwege de professionele fullframesensor die in de eerste is ingebouwd.

Omdat er geen spiegel is, kan het beeld ook niet worden doorgestuurd naar een optische zoeker. Die ontbreekt dan ook op een systeemcamera. Meestal is er een elektronische zoeker om de compositie te maken, maar goedkopere systeemcamera’s hebben zelfs helemaal geen zoeker. De foto maak je dan, net als bij de meeste compactcamera’s, via het scherm aan de achterzijde.
Waar de meeste systeemcamera’s nog maar een paar jaar geleden niet konden tippen aan de snelheid en beeldkwaliteit van hun spiegelreflexbroers, is die achterstand inmiddels lang niet meer vanzelfsprekend. Afhankelijk van de opties en sensorgrootte van de modellen zijn spiegelreflexen en systeemcamera’s inmiddels zeer vergelijkbaar.

Door zijn kleinere FourThirds-sensor kon Olympus deze E-M10 Mark iii systeemcamera van een compacte en handzame behuizing voorzien.

Te overwegen opties

Naast features als zoom, al dan niet verwisselbare lenzen, de grootte en degelijkheid van de behuizing en andere in dit artikel beschreven aankoopargumenten, zijn er natuurlijk veel meer punten waarop huidige digitale camera’s van elkaar verschillen. De volgende opties zijn zeker ook het overwegen waard.

Wifi
Steeds meer camera’s hebben de mogelijkheid contact te maken met een draadloos netwerk. Daarmee kun je via een app op je telefoon bijvoorbeeld foto’s overzetten naar je bijvoorbeeld computer, smartphone of ander op het netwerk aangesloten apparaat, of de camera met tablet of smartphone bedienen.

Bluetooth
Met bluetooth kun je een rechtstreekse verbinding maken met je telefoon. Je hoeft dus niet in de buurt van een netwerk te zijn voor de bovenstaande mogelijkheden van Wifi. Niet alle functies zijn beschikbaar, zo worden vanwege de beperktere bandbreedte slechts previews van de fotobestanden overgedragen. Voor de ‘echte’ bestanden heb je de Wifi-verbinding nodig.

Beeldstabilisatie
Beeldstabilisatie zorgt ervoor dat bewegingen en trillingen (van je hand) worden gecorrigeerd. Hierdoor kun je met een langere sluitertijd fotograferen, zonder dat je foto volledig bewogen is. Inmiddels bestaan er al methoden die rond vijf assen trillingen compenseren.

Touchscreen
Een touchscreen maakt het mogelijk de camera visueel in te stellen of precies scherp te stellen op een onderwerp.

Schermgrootte
Een groot scherm geeft prettig veel informatie en is overzichtelijk, maar vreet de accu ook sneller leeg.