10 geboden van de fotograaf
Inkaderen of in de prullenmand?
21 september 2009 | Erik Derycke
Deze 10 tips kunnen een verschil betekenen tussen een kunstige foto en een beeld dat je maar beter in de prullenbak gooit.
- Neem je camera mee
Zonder fototoestel maak je geen foto’s. Laat je camera dus niet thuis, maar steek hem op zak. Zorg ervoor dat je camera klaar is voor actie, met een opgeladen batterij en voldoende ruimte op het geheugenkaartje. Je wil niet meemaken dat je de foto van je leven mist omdat je camera een lege batterij bevat. Leer je camera kennen voor je op reis vertrekt door er thuis al mee te experimenteren; op vakantie zijn er leukere dingen te doen dan een handleiding te lezen. Foto’s maken bijvoorbeeld!
- Zet je wekker
Voor een mooie foto heb je mooi licht nodig. Dat vind je net voor en net na zonsopkomst. Lig niet te maffen terwijl je foto’s had kunnen maken. De gemiste slaap kan je inhalen tijdens een siësta; het licht van de middagzon is vaak te fel en gooit lelijke schaduwen. Wil je toch overdag fotograferen, zoek dan een plekje in de schaduw, bijvoorbeeld onder bomen of in de schaduw van huizen. Vlak voor zonsondergang krijgt het licht een gouden kleur en kan je weer aan de slag.
- Zoom met je voeten
Bijna alle digitale camera’s hebben een zoomlens waarmee je verafgelegen onderwerpen dichterbij kan halen door in te zoomen. Dat is handig als je dieren wil fotograferen waar je niet dichtbij kan of wil komen. Maar voor andere onderwerpen kan je ook eens proberen om dichter bij je onderwerp te komen door er naartoe te wandelen. Door de kleinere afstand tot het onderwerp krijg je een heel ander perspectief: het onderwerp zal er veel groter uitzien.
- Ga door de knieën
Wanneer je kinderen fotografeert, buk je dan zodat je camera zich op ooghoogte van de kids bevindt. Zoniet kijk je – letterlijk en figuurlijk – op hen neer, en dat levert geen fraaie foto’s op. Je kan zelfs nog verder gaan en hen vanuit kikvorsperspectief fotograferen; zo lijken het kleine reusjes. Dezelfde regel gaat op wanneer je volwassenen fotografeert die in een zetel zitten: schiet niet vanuit de hoogte, maar buk je tot je op hetzelfde niveau staat.

- Binnen niet flitsen
Flitslicht is fel, wit en dodelijk voor de sfeer. Probeer eens om zonder flits te fotograferen. Je sluitertijd zal veel langer worden, dus moet je de camera zo onbeweeglijk mogelijk houden. Plaats hem op een tafel of muurtje en gebruik de zelfontspanner. Sommige compactcamera’s hebben een ‘museum’ of ‘theater’ scène-instelling, waarbij de flitser automatisch uitgeschakeld wordt en de gevoeligheid indien nodig wordt verhoogd.
- Flits als je buiten mensen fotografeert
Het lijkt misschien niet logisch, maar als je in fel zonlicht wil fotograferen, kan je je flits best inschakelen. Het extra licht van de flits zorgt ervoor dat er geen ontsierende schaduwen te zien zijn onder de ogen en neus van personen. Ook op een bewolkte dag kan flitslicht een persoon beter tot zijn recht laten komen. Je kan je camera zo instellen dat hij altijd flitst.
- De regel van derden
Verdeel de scène die je ziet in negen vlakken door twee horizontale lijnen en twee verticale lijnen te trekken. Zet het belangrijkste onderwerp in de scène niet in het midden, maar op het snijpunt van een verticale en horizontale lijn. Op sommige camera’s kan je deze lijntjes op het lcd-scherm laten verschijnen; dat helpt om je onderwerp in beeld te nemen volgens de regel van derden. Volg deze regel zeker wanneer je een horizon fotografeert: foto’s met de horizon net in het midden ogen meestal erg saai.
- Let op de achtergrond
Soms ben je zo druk bezig met je hoofdonderwerp dat je niet let op de achtergrond. Nochtans is die minstens even belangrijk: een storende achtergrond leidt de aandacht van de kijker af. Zet een persoon dus niet voor een buffetkast vol beeldjes, tinnen borden en bloemstukjes, maar liever voor een effen muur of voor een groene haag. Kijk ook uit voor takken of telefoonpalen die uit het hoofd van je onderwerp lijken te groeien.
- Eerst scherpstellen, dan afdrukken
Een veelgehoorde klacht over digitale compactcamera’s is dat ze erg traag scherpstellen. Daar is weinig aan te doen, maar je kan er wel rekening mee houden door eerst scherp te stellen en dan pas de foto te maken. Duw de ontspanner half in tot de camera scherpgesteld heeft. Zolang je de ontspanner half ingedrukt houdt, blijft de camera scherpgesteld op hetzelfde onderwerp. Druk helemaal door wanneer je de foto wil maken.
- Lap regels aan je laars
Fotografie gaat ook over creativiteit. Laat je niet aan banden leggen door regels.
Gerelateerde artikels op Clickx
- RecycleBinEx 1.0.5.530
- Voorzie je foto's van een watermerk
- Onscherpe foto's voorkomen
- Digitaal polaroideffect
- Nikon bouwt projector in camera
Related Partner info







